© 2013 Jacqueline van Zwieteren. All rights reserved.

Had je niet gedacht hè?

‘Is dat nou zo’n skinnyjeans?’ vraagt mijn man met een alleszeggende blik als ik mijn nieuwe broek uit de tas haal. Ik begrijp wat hij bedoelt.

We keken gisteren samen foto’s van ‘onze tijd’ (begin jaren tachtig), waar mijn vriendinnen en ik belachelijk wijde kleding dragen in kleuren niet nader te omschrijven. Mijn halve pubertijd bestond uit het dragen van oversized T-shirts en broeken met elastiek(!) in de taille. Aansnoerbermuda’s waar je meer dan twee keer inpaste en topjes die echt wel schouderbandjes moesten hebben omdat ze anders naar beneden zouden afzakken. Makkelijk aan te trekken, ongelooflijk vormloos en totaal niet sexy. We vonden onszelf ook standaard te dik. Al roze koeken etend en automatenchocolademelk drinkend hingen we mopperend op alles in de plastic stoelen van de schoolkantine. In onze tuinbroek.

Als ik toen toch had geweten (en gezien) wat ik nu weet (en zie). Waarom verborgen we onze toen nog prachtige strakke lijven in hobbezakken en proppen we nu onze door ouderdom en zwangerschap aangetaste lichamen in skinny jeans en strakke hemdjes?
Het komt gewoon hier op neer: De modegoden zijn ons (vrouwen van mijn generatie) niet goed gezind… Dertig jaar geleden had de mode strak en slank moeten zijn, toen we nog niets te verbergen hadden. Nu de broeken best iets ruimer in elkaar gestikt mógen worden, heeft een modegoeroe bedacht dat de onderbuik en billen in een soort korsetachtige broek geperst moeten worden. Als de broek eenmaal aan- en dichtzit rest ons maar één ding; recht op blijven staan, rustig ademhalen en vooral niet teveel bewegen. Dan komt het allemaal goed. Of niet.
Oh nee, het is niet zo dat ik zwaar overgewicht heb. Of dat mijn Body Mass Index (BMI) in gevaar is. Maar ik heb wel gewicht. Met de buik, die tot vier maal toe tot een enorme, ja, hoe zal ik het noemen, skippybalachtige omvang is toegenomen, komt het nooit meer goed. Dat accepteer ik (ik heb er tenslotte zó-iets-moois voor teruggekregen), tot ik mezelf vanmorgen in een pashokje in een te skinny jeans probeer te persen. De veel te lage taille die veelal met de skinny pijpen gepaard gaat, geeft in het bleke pashokjeslicht een wat onaangenaam beeld van de werkelijkheid. Een maat groter blijkt niet te werken. Twee maten ook niet. De maat doet er waarschijnlijk sowieso niet toe. En dan heb je bij H&M ook nog spiegels waarmee je je achterkant kunt zien. Geweldig!
Ik ben dan wel zes-en-veertig, ik wil nog wel hip gekleed gaan. Dus loop ik toch met een skinny jeans over mijn arm door de winkel en dank God op mijn blote knieën dat de wintertijd van de lange vesten en feestelijke tunieken weer bijna is aangebroken. Op mijn weg naar de kassa trek ik her en der nog iets wijds en alles camouflerend uit de rekken. Zodat ik straks trots over mijn skinny jeans kan zeggen; maatje 38, had je niet gedacht hè?
Je kunt bovenstaande delen op: Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedIn
  • 'Write what should not be forgotten.'
    - Isabel Allende

  • Het Verhaal Achter

  • Schrijfactiviteiten

  • Het Verhaal Achter volgen op

    • Facebook
    • Twitter
    • Linkedin
  • Recente blogs

  • Wil je op de hoogte blijven?

Plaats een reactie

Uw e-mail wordt nooit gepubliceerd noch gedeeld. Verplichte velden zijn gemarkeerd met een *

U mag deze HTML-elementen en attributen gebruiken <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

*
*